Info veldslag
- Neerwinden
- Negenjarige Oorlog (1688-1697)
|
Frankrijk
|
|
|
|---|---|---|
| Troepensterkte |
|
|
| Slachtoffers |
ca. 10.000 doden en gewonden
|
|
| Legerleiders |
François-Henri van Montmorency-Boutevillehertog van Piney-Luxembourg
|
Willem III van Oranje (koning van Engeland en Stadhouder in de Republiek)
|
Synopsis
Tijdens de Negenjarige Oorlog (1688-1697)ook Oorlog van de Liga van Augsburg genoemdziet Lodewijk XIV zijn hegemonie over Europa bedreigd door de Liga van Augsburg. Deze Ligadie het Franse expansionisme een halt wil toeroepenis een alliantie van grote Europese mogendheden waaronder de Republiek der Zeven Verenigde NederlandenEngeland en het Heilig Roomse Rijk. Tijdens de veldtocht van 1693 die in onze streken wordt gevoerdneemt een coalitieleger onder bevel van Willem III van OranjeStadhouder in de Republiek maar sedert 1689 ook koning van Engelandin juli 1693 stelling tussen de dorpen Neerwinden en Laar. Zijn rechterflank en achterhoede worden gedekt door de Kleine Gete.
Zodra de Franse troepen onder bevel van François-Henri van Montmorency-Boutevillehertog van Piney-Luxembourgmeestal genoemd 'maarschalk de Luxembourg' op 28 juli in de buurt van Landen verschijnenlaat Willem III tussen de dorpen LaarNeerwinden en Neerlanden een krachtige versterkte linie opwerpenuitgerust met 91 kanonnen en door zijn beste eenheden verdedigd. In de omliggende dorpen worden ook voorposten opgesteld.
De Slag bij Neerwindenof bij Landenbegint bij zonsopgang op 29 juli 1693 met zwaar artillerievuur. Maarschalk de Luxembourg begrijpt het belang van de verovering van Neerwindende strategische sleutel tot de vijandelijke positie. Rond acht uur ’s morgens stuurt hij zijn rechtervleugel uit richting de dorpen Neerlanden en Rumsdorpterwijl zijn uit 20.000 infanteristen en 8.000 cavaleristen bestaande linkervleugel vastberaden naar Neerwinden oprukt. Het centrum van zijn leger blijft in 8 linies opgesteld.
De strijd is zeer heftig. Aan de linkerzijde begint een zware strijd bij Laar. De Franse cavalerie onderscheidt er zich door de Highlanders terug te dringenweliswaar ten koste van zware verliezen. Neerwinden wordt ook veroverdmaar een grote vijandelijke tegenaanval verdrijft de Fransen weer. In drie Franse aanvallen wordt het dorp Neerwinden achtereenvolgens veroverdverlorenheroverd en weer verloren. Pas met een vierde aanvalvanuit de linkerflank en met 20.000 man uit het centrumwaaronder de Franse Gardevolgt de definitieve verovering van Neerwinden. Willem IIIdie het centrum van zijn stellingen uitdunt om zijn rechtervleugel te ondersteunenziet zijn linies al snel doorboord door de krachtige uitvallen van de Franse cavalerie en de aanval van de markies de Feuquières op het centrum van zijn opstelling.
© LongmunsGreen & LondonNew YorkF.S. WellerF.R.G.S. Archievenverzameling P. CherequefosseDoornik.
Rond 17 uur wordt de algemene terugtrekking van het geallieerde leger bevolenmaar dit eindigt in grote verwarring. Opgejaagd door de Fransen komen talloze soldaten om bij het oversteken van de Kleine Gete en zijn drassige oevers. Wanneer koning Willem III de buitengewone moed en dapperheid van de Fransen opmerktzou hij hebben uitgeroepen: “Owat een onbeschaamd volk!”
De Slag bij Neerwinden wordt beschouwd als de bloedigste van de 17de eeuw in onze strekenmet ongeveer 20.000 doden en gewonden aan geallieerde zijde en ongeveer 10.000 doden en gewonden voor Frankrijk. Een 90tal vijandelijke vlaggen worden naar Pari overgebracht en in de kathedraal van de Notre Dame opgehangenter ere van de illustere overwinning van maarschalk de Luxembourg. Hij verdient er zijn bijnaam de ‘behanger van de Notre Dame’ mee.
Auteur: Alain Tripnauxhistoricusvoorzitter van de geschiedkundige vereniging Le Tricorne.
Literatuur
- De MONTMORENCY-LUXEMBOURG François-Henri‘Relation de la bataille de Neerwinden1693’in: SUSANE LouisHistoire de l’ancienne infanterie françaisetome huitièmePari: Librairie militaire J. Corréard1853.
- De SAINT-SIMONMémoires du duc de St-Simonvolume IPari: Chéraud et Regnier filsHachette1881.
- MARTIN Henri, Histoire de France depuis les temps les plus reculés jusqu'en 1789, tome XIVPari1855.